De opvang van tachtig jonge asielzoekers in de opvang aan de Sloterweg 773-783 leidt volgens omwonenden niet tot overlast. Het bericht dat twee van hen op 1 januari 2026 rond 23.45 uur ongeveer zes kilometer verderop met kogels zijn vermoord kwam hard binnen.
Het was dan ook prettig dat de vrijwilligers van de Sloterkerk op woensdag 7 januari het initiatief hadden genomen om een open herdenkingsbijeenkomst – met vrije inloop en zonder speeches – te organiseren. Om de jongens te gedenken en elkaar te treffen.

De Sloterkerk opende gastvrij zijn deuren om kaarsjes te branden, gevoelens te delen en/of in stilte in eigen gedachten te verzinken.
Helemaal naar Sloten gereisd en dan dit einde…
Meer dan honderd Slotenaren, omwonenden van de plek van het schietincident (het Piet Wiedijkpark in Osdorp) en andere belangstellenden wisten de Sloterkerk hiervoor te vinden. Sommigen van hen staken een kaarsje aan om de Syriërs van 16 en 18 jaar jong – beiden met de voornaam ‘Mohammed’ – te herdenken. Anderen voelden vooral behoefte om hierover hun gevoelens te delen. Weer anderen wilden met hun komst vooral benadrukken dat zij ook na deze dodelijke geweldsexplosie de komst van vluchtelingen blijven steunen. Een enkeling benadrukte hierin bevestigd te zien dat Amsterdam toch vooral geen asielzoekers moet opvangen.
Met hun aanwezigheid onderstreepten stadsdeelbestuurder Nazmi Türkkol en stadsdeelcommissielid Denise Klomp (PvdA) dat deze moorden het hele stadsdeel Nieuw-West raken. Diverse bezoekers benadrukten hoe verdrietig het is dat deze jongeren zware en gevaarlijke reizen hebben moeten afleggen om Nederland te bereiken. En hoe cru het dan is dat zij hier – in een veilig land – alsnog door een kogel om het leven komen.
Als woorden tekortschieten helpt verbinding
Vrijwilliger van de Sloterkerk Joke Baars kijkt met warmte terug op de bijeenkomst: Het was indrukwekkend dat zoveel mensen en kinderen zijn gekomen. Er werden kaarsen gebrand en mensen schreven een bericht in een schrift. Wie dat wilde kon ter nagedachtenis van de jongens een roos mee naar huis nemen. Het voelde goed om in stilte en verbondenheid deze jongens te herdenken. Zij kwamen naar ons land voor veiligheid en om een goede toekomst te vinden, maar vonden onveiligheid en de dood. Hier schieten woorden te kort. Na afloop van de bijeenkomst zijn de overgebleven rozen en het schrift vol lieve woorden aan de medewerkers en bewoners van het AZC Sloterweg gegeven. We hopen dat ze daardoor steun, troost, licht, liefde – en voor wie daarin gelooft – Gods nabijheid zullen ervaren.”
Toedracht nog niet bekend
Eerder meldde Het Parool dat er mogelijk sprake zou zijn geweest van een “breder conflict tussen Syrische en Spaanssprekende jongeren met een Zuid-Amerikaanse achtergrond”. Navraag leert dat de recherche deze toedracht niet kan uitsluiten, maar ook andere scenario’s onderzoekt. Via alle mogelijke kanalen roept de politie getuigen die iets gezien hebben of meer weten zich – dat kan ook anoniem – te melden. Ondertussen loopt het grootschalige politieonderzoek verder. De getuigenis van een derde jongen – die wist te ontkomen aan zijn belagers – zal mogelijk meer duidelijkheid geven over wat zich precies in het Piet Wiedijkpark heeft afgespeeld.
Tamar Frankfurther; 9 januari 2026.
Voor het eerst in (bjina) vijf jaar verdwenen ook Sloten en Oud Osdorp weer eens eventjes onder een serieus dik pak sneeuw.
De vertrouwde wereld veranderde in de eerste week van het jaar als bij toverslag in een sprookjeslandschap, dat ‘iedereen’ op 5, 6 en 7 januari heeft vastgelegd.

Oud Osdorp als sneeuwlandschap: de Osdorper Bovenpolder met aan de horizon zicht op bedrijfshallen in de Lutkemeerpolder. Foto: Irene Hemelaar.
In de sloot en tegen lantaarnpaal
Het winterweer leidde op de Osdorperweg in Oud Osdorp – waar bijna iedereen zoals bekend veel te snel rijdt – tot twee ongelukken. Beide in de buurt van het viaduct van de A5 (Westrandweg). De ene auto belandde tegen een lantaarnpaal en de andere in de sloot. Later hadden automobilisten hun rijstijl blijkbaar aangepast aan de gladheid en vonden er voor zover bekend geen ongelukken meer plaats. Voor het eerst in jaren hielden bestuurders van motorvoertuigen zich zowaar aan de maximum snelheid van 30 km/uur…
Véél pittoreske plaatjes
AT5 speurde de stad af naar positief winternieuws en ontdekte dat Mandy van Drunick zich op ski’s liet voortrekken door haar pony Monty. Alsof het vanzelf gaat glijdt zij op het filmpje door Sloten. Mandy haalde hiermee zelfs het NOS Journaal.
“Dit is tegenwoordig zo bijzonder. Ik wil deze witte pracht vastleggen”, was de gedachte van heel veel bewoners van en bezoekers aan het landelijke gebied. Tevreden met hun unieke plaatjes deelden zij hun beelden via groepsapps en in mails aan de redactie. Uit deze oogst bleek al snel dat – vooral op Sloten – sommige plekken fotogenieker zijn dan andere. Het dorpsgezicht vanaf de Ditlaar met daarop de Sloterkerk en het Dorpsplein bleken topscorers. De redactie heeft zoveel pittoreske plaatjes ontvangen dat zelfs in de uitgebreidere foto-overzichten niet alle winterfoto’s konden worden opgenomen.
Kijk verder voor nog véél meer winterfoto’s van Oud Osdorp en van Sloten met daarbij ook een serie luchtfoto’s…
Tamar Frankfurther; 8 januari 2026.
Al jaren worden het Natuurgebied De Roerdomp en de Osdorper Binnenpolder geteisterd door het illegaal dumpen van afval. Bewoners, volkstuinders en ondernemers pikken het niet langer en zijn in actie gekomen.
Zij verwachten dat de gemeente nu eindelijk maatregelen zal treffen.

Deze jerrycans met motorolie zijn inmiddels verwijderd uit de sloot langs de Joris van den Berghweg, ter hoogte van de volkstuinparken TIGENO en De Eendracht in de Osdorper Binnenpolder Noord. Foto’s: Norinda Fennema.
Trekpleister voor grootvuil
Het is al decennia bekend dat De Roerdomp en de rest van het natuurgebied in de Osdorper Binnenpolder een trekpleister is voor afvaldumpers. Wie door het natuurgebied wandelt of fietst kan plotseling stuiten op stapels bouwafval en vuilniszakken. Het gaat vermoedelijk om afval dat men klaarblijkelijk in de eigen buurt of gemeente niet op de reguliere wijze kwijt kan of wil raken. En dit geldt zéker voor afval dat het daglicht beslist niet kan zien en daarom meestal ’s nachts wordt gedumpt. Dan is het immers in dit verlaten stuk van het landelijke gebied erg stil. Het gaat meestal om restanten van vermoedelijk (veelal giftig) afval van inderhaast ontmantelde drugslaboratoria of wietkwekerijen, autobanden, jerrycans met afgewerkte olie en om verfresten. Daarnaast worden hier achtergelaten scooters aangetroffen. Hiervan ontbreken de kentekens en bepaalde onderdelen… En soms ook resten van afgedankte en wellicht gestolen auto’s, aanhangers en caravans, die (deels) in brand zijn gestoken. Hier worden zelfs gedumpte opengebroken kluizen aangetroffen, uiteraard zonder inhoud.
Afval van parkerende bezoekers
Een andere categorie betreft het kleinere – maar daarom niet minder schadelijke – zwerfafval waarvan in het afgelopen jaar veel meer is gevonden. Het gaat dan om de gebruikelijke flesjes, blikjes, pizzadozen, condooms, tissues en drugsverpakkingen. Deze categorie afval is afkomstig van bezoekers die het gebied gebruiken om op een rustig plekje te parkeren. Zij gooien hun rotzooi zonder blikken of blozen naast hun auto’s. En dat gebeurt het vaakst op de talrijke inhammetjes die voor wandelaars de toegang tot het natuurgebied vormen. Op zo’n inham – waar op enige afstand van de rijbaan precies één auto kan parkeren – hoopt het afval zich massaal op; met alle risico voor de aldaar aanwezige dieren en rondlopende honden.
Opruimactie na vergeefse meldingen
De Ondernemersvereniging Tuinen van West en de tuinders van de diverse volkstuinparken maken zich grote zorgen over de gevolgen van de vervuiling voor de flora en fauna in het hele gebied en in het bijzonder voor Natuurgebied De Roerdomp en de Osdorper Binnenpolder. Daarom zijn de volkstuinders en de ondernemers zelf maar aan de slag gegaan. Zij hebben inmiddels maar liefst 120 liter olie in jerrycans en veel andere rommel uit de sloten en het groen verwijderd. Ook zijn alle autobanden uit de bermen gehaald en uit de sloten gevist. Bestuurslid Norinda Fennema van de ondernemersvereniging met de portefeuille ‘Groen’ en bewoners en volkstuinders in Oud Osdorp: “We dienden al maanden de ene na de andere melding bij de gemeente in. Tot nu toe zonder enig resultaat.”
Spoedmail aan stadsdeelbestuurder
Daarom heeft Fennema namens de ondernemers en de volkstuinders op 2 januari een spoedmail vol zorgen naar stadsdeelbestuurder van Nieuw-West Nazmi Türkkol gestuurd. Het is wachten op actie van de kant van de gemeente. Türkkol liet in een reactie wel meteen al weten met hen in gesprek te willen gaan.
Cameratoezicht en handhaving parkeerverbod
Daarnaast heeft Inge Slothouber op 8 januari 2026 de al jaren slepende afvaldump bij de gemeente aangekaart. Zij sprak hiervoor in tijdens de vergadering van de Raadscommissie voor Duurzaamheid en Circulaire Economie in de Stopera. Sommige raadsleden – met Kevin Kreuger (JA21) voorop – pleitten voor cameratoezicht. Toezeggingen voor concrete maatregelen kwamen er echter niet. Wel werd gewezen naar handhaving en het gesprek met stadsdeelbestuurder Türkkol. Achteraf kan geconcludeerd worden dat het afwijzen van cameratoezicht om redenen van privacy geen hout (meer) lijkt te snijden. De gemeente heeft zelf immers op tal van plekken in de openbare ruimte al cameratoezicht ingevoerd en onlangs weer uitgebreid.
Mogelijk zou hier het effectiever inzetten van het al bestaande parkeerverbod in Oud Osdorp op korte termijn en tegen relatief lage kosten al tot verbetering kunnen leiden. Het hele landelijke gebied is namelijk al een zogenaamde parkeerverbodszone. Een bewoner van Oud Osdorp opperde: “Breng bij alle toegangen tot het gebied onder de bestaande verbodsborden nieuwe onderborden met de tekst “geldt ook voor bermen” aan. Dan kan er in ieder geval tegen relatief lage kosten al effectief tegen het bermtoerisme worden opgetreden. Dat zou al een mooi begin zijn. Mits men dan natuurlijk ook echt blijvend hierop zal handhaven…”
Theo Durenkamp; 8 januari 2026.
Wat iedereen in het landelijke gebied al jaren weet, wordt eind 2025 ook daarbuiten steeds bekender: de Lutkemeerpolder ligt meer dan vijf meter onder N.A.P. en dat maakt de polder en de omgeving uiterst kwetsbaar.
Op zich is het geen hogere wiskunde: Als je deze polder versteent, kan het water niet meer in de grond worden opgenomen en ook de polder niet meer uitstromen.

De Osdorper Binnenpolder staat nu al tussen oktober en het late voorjaar blank. Als de Lutkemeerpolder even verderop verder wordt versteend,zal de waterstand hier en elders in Oud Osdorp verder stijgen. Daarna zullen ook omliggende delen van het zeer versteende Nieuw-West bij extreme en/of langdurige regenval te kampen kunnen krijgen met natte voeten. Foto: Theo Durenkamp.
Zorgen over waterveiligheid in Oud Osdorp en Nieuw-West
Het algemeen bestuur van het Waterschap Amstel, Gooi en Vecht (AGV) vergaderde op 4 december 2025 over de waterkwantiteit. Tijdens de bespreking van agendapunt 4 werd duidelijk dat hier steeds grotere zorgen leven over de gevolgen van het verstenen van de Lutkemeerpolder. Immers, het ‘badkuipeffect’ zou ook voor de omgeving ernstige gevolgen kunnen hebben. Na – door klimaatverandering – steeds vaker voorkomende intensieve en/of langdurige regenval zal het water eerst in de polder blijven staan. Als de versteende ‘badkuip’ vol is, zal hij overstromen. En dat veroorzaakt elders dan een ‘waterbedeffect’.
Eerst in de andere polders van Oud Osdorp, waar het waterpeil ook nu al hoog staat. En daarna bestaat de kans dat ook de nieuwbouwwijken van Geuzenveld en Osdorp met wateroverlast te kampen krijgen. Binnen het waterschap tonen dan ook steeds meer personen hun bezorgdheid wat de gevolgen van nog eens 42 hectare extra verharden in de Lutkemeerpolder zouden zijn. Naast de verstening en bouw van bedrijfshallen zorgt ook het bijbehorende zwaar verkeer voor een extra belasting van de grond. Een groeiend aantal leden noemt het waterbedeffect dat dan ontstaat “zorgelijk” of zelfs “onverantwoord”.
Lutkemeerpolder: natte voeten en onbereikbaar
Matthijs Pontier (De Groenen), Laura van Halen (PvdA) en andere leden van het algemeen bestuur zetten de waterveiligheid in de polder hoog op de agenda. Zij zijn van mening dat het essentieel is dat bewoners en (toekomstige) ondernemers goed en duidelijk geïnformeerd worden over de risico’s. Bijvoorbeeld met helder beeldmateriaal.
Iris Poels van Voedselpark Amsterdam kan zich bijna niet voorstellen dat nieuwe ondernemers er nog voor kiezen om zich te vestigen in de Lutkemeerpolder: “Ze lopen met het veranderende klimaat steeds meer kans op natte voeten in hun hallen. Ook nu hebben ondernemers al te maken met overstromingen. En daarnaast is het wegennet naar de polder – zelfs nu een groot deel van de bestaande hallen nog leegstaat en de polder nog niet is volgebouwd – al overbelast. Je staat al vroeg in de middag in de file om de polder uit te komen. En daarna moet je ook nog achteraan aansluiten op de volle Ookmeerweg om via de rotondes uiteindelijk de A9 te bereiken. Koeriersdiensten geven nu al aan dat ze niet meer op alle tijden naar dit bedrijventerrein in Oud Osdorp willen komen. Sommige ondernemers van het eerste uur overwegen de polder alweer te verlaten.”

Het wegennet tussen de Lutkemeerpolder / woonwijk De Aker en de Lijnderbrug staat regelmatig – veelal na 16.00 uur – richting de A9 muurvast. Op 19 december 2025 kon het vrachtvervoer om 13.55 uur de Lutkemeerpolder al niet meer verlaten en moesten de vrachtwagens zich op de Ookmeerweg in de verkeersstroom uit Nieuw-West ‘wurmen’. Logisch dat grote pakketleveranciers na 16.00 uur geen leveranties meer in de Lutkemeerpolder willen verzorgen. En dan te bedenken dat op dit moment het geplande bedrijventerrein in de Lutkemeerpolder nog lang niet is afgebouwd en reeds gebouwde hallen nog grotendeels leegstaan… Foto: Iris Poels.
Wethouder houdt vast aan gevaarlijkste scenario
Dit alles overwegende is het lastig uitlegbaar waarom wethouder Steven van Weyenberg van de vijf mogelijke bouwscenario’s in de Lutkemeerpolder blijft vasthouden aan de variant van een maximaal bebouwde Lutkemeerpolder. Poels: “Daarmee kijkt hij alleen naar winst op de korte termijn en negeert hij de enorme kosten op de wat langere termijn. Hij kiest juist voor het scenario dat door veel waterexperts en inwoners als het meest risicovol wordt gezien.
Ook de stadsdeelcommissie en het Dagelijks Bestuur van stadsdeel Nieuw-West verzochten de wethouder afgelopen september al om zoveel mogelijk poldergrond onverhard te laten. En daarbovenop heeft het waterschap in 2023 al aangegeven dat de Lutkemeerpolder geen logische plek is voor een bedrijventerrein omdat het risico op overstroming hier te hoog is. En eh… welke ondernemer gaat er nu 4,5 miljoen per hectare betalen voor grond waarvan eigenlijk al vaststaat dat er wateroverlast is? En dat die locatie ook nog eens onbereikbaar is?”
Lees verder (bericht uit 2023)…
Tamar Frankfurther; 30 december 2025.
Na maandenlange stilte lijkt het erop dat de gemeente begin 2026 eindelijk een oplossing zal gaan bedenken voor het overbruggen van beide straathoogten op de smalle Slotense laan.
Ondertussen is de begaanbaarheid in de Slotense ‘steeg’ voor velen een bron van groeiende ergernis.

De nog altijd blubberige situatie op de Lies Bakhuyzenlaan op Sloten met rechts het hogere straatniveau voor de nieuwe huizen. Op de foto is te zien dat Liander op 19 december 2025 zeven man sterk een storing aan de recent gelegde elektriciteitskabel heeft verholpen. Voor de entrees van de nieuwbouw zijn inmiddels tijdelijke trapjes tussen de betonnen muren aangelegd. In januari 2026 zullen ambtenaren waarschijnlijk hun voorstel bekendmaken waarin zij uitleggen hoe zij beide straatniveaus in deze smalle laan willen verbinden.
Grote modderpoel en bonkende platen
De omwonenden, tuinders van de V.A.T. en frequente bezoekers aan het dorp zijn het na maanden klagen behoorlijk zat. Afhankelijk van de weersomstandigheden dienden zij de ene na de andere melding over grote zand- of modderoverlast in bij de gemeente. Na al die klachten plaatste de gemeente op 10 december eindelijk – maar wel te weinig – stalen rijplaten op het wegdek. Deze liggen niet als beloofd strak tegen elkaar. Hierdoor ‘klapperen en bonken’ ze bij ieder voertuig dat eroverheen rijdt. Omwonenden: “Dan had de gemeente die platen beter niet kunnen plaatsen. De overlast is hierdoor alleen maar toegenomen. Er kan nu niets meer langsrijden zonder kabaal en we krijgen nog evenveel modder in huis.” De kwetsbare monumentale arbeiderswoningen staan hierdoor bovendien opnieuw bloot aan trillingen.
Begin 2026 informatie over herprofilering
Half december heeft de gemeente laten weten “zich in januari te gaan buigen over het ontwerp voor de inrichting van de Lies Bakhuyzenlaan en de aansluiting van de toegang tot de nieuwe woningen daarop”. Daarna zullen de ambtenaren van het Ingenieursbureau van de gemeente hun voorstel over de herinrichting van de Lies Bakhuyzenlaan met de Slotenaren delen. De gemeente heeft al herhaaldelijk beloofd dat de herprofilering sterk zal lijken op het plan dat indertijd na inspraak is vastgesteld. Dus met een wegbreedte van 4,5 meter, op het oorspronkelijke – en niet het hogere – maaiveld en bestrating in dezelfde stijl als elders op het dorp. De Dorpsraad houdt de situatie nauwgezet in de gaten en zal zo nodig via de rechter een nieuwe inspraakprocedure over de herprofilering eisen.
Trapjes voor entrees net als elders op het dorp
De Dorpsraad liet eerder al aan de gemeente weten dat de hele laan het beste – zoals in de democratisch goedgekeurde plannen staat – op het lage bestaande maaiveld kan worden aangelegd. Bewoners kunnen dan – net als elders op het dorp gebruikelijk is – via trapjes hun woningen betreden. Deze manier om verschillende hoogtes te overbruggen past dus goed in het beschermde dorpsgezicht. Bovendien zorgt die oplossing ervoor dat de Lies Bakhuyzenlaan zijn oorspronkelijke breedte kan behouden. Mochten bewoners of bezoekers van de nieuwbouw slecht ter been zijn waardoor deze trapjes obstakels vormen, dan kunnen zij er altijd voor kiezen om achterom via de tuin gelijkvloers de woningen te betreden.
Tamar Frankfurther; 30 december 2025.
Wat nu de ‘landtong’ heet, was ooit een stukje van de Riekerpolder aan de monding van de Nieuwe Meer, bij de overgang naar het ‘Groot Haarlemmermeer’. De Riekerpolder is aangelegd in 1636 door bedijking van het boezemland en gefinancierd door onder andere het Burgerweeshuis en rijke Amsterdamse regenten. Ook werd er toen een poldermolen geplaatst. De Riekermolen, afgebroken in 1956 en in 1961 herbouwd aan de Amstel, nabij de Kalfjeslaan.

De zes stammen van de lindeboom bij de Magazijngebouwen. Vooral de diagonale structuur oogt heel speciaal; 4 december 2025. Foto: Erik Swierstra.
Een steeds terugkerend probleem voor het polderbestuur was hier de voortdurende dreiging vanuit het Groot Haarlemmermeer op de oevers in het noord-oosten van het Haarlemmermeer, waar dreiging van de ‘Waterwolf’ zich doet gevoelen en de zachte veengrond makkelijk kon worden weggeslagen bij de overheersende zuidwesten-wind. In de loop der tijd verdween veel land in de golven inclusief de dorpen Rijk en Nieuwerkerk (omstreeks 1600). Een afdeling in de Haarlemmermeerpolder heet Rijk en een boerderij aan de Hoofdvaart draagt de naam Nieuwerkerk, waarmee de herinnering aan deze vroegere dorpen levend wordt gehouden.
Na de Franse tijd, wanneer nieuwe technische mogelijkheden (stoommachines) beschikbaar komen, wordt besloten tot drooglegging van het ‘Groot Haarlemmermeer’, 18.500 hectare groot met vruchtbare zeeklei. Dit was al een oud idee van Jan Adriaanszoon Leeghwater uit 1641. In zijn ‘Haarlemmermeer-boek’ stelt hij voor om met zo’n 140 windmolens het water weg te pompen. De omvang van de te maken polder was wat geringer dan 200 jaar later is gerealiseerd. Gezien de stand van de techniek achtte men zijn plan onrealistisch. Ook was er niet voldoende geld beschikbaar.
Directe aanleiding tot de aanleg van de Haarlemmermeerpolder waren grote overstromingen in november en december 1836 toen Amsterdam en vervolgens Leiden werden bedreigd door de ‘Waterwolf’. In 1837 besloot Koning Willem I tot droogmaking. In 1839 wordt begonnen met het graven van de Ringvaart van de Haarlemmermeerpolder, bijna 60 km lang. Ter hoogte van de Nieuwe Meer wordt de Ringvaart door de westhoek van de Riekerpolder gelegd. Vanaf 1849 pompten drie stoomgemalen het water weg. In 1852 viel de Haarlemmermeerpolder droog.
Het fort aan de mond van de Nieuwe Meer
De defensieve batterij die op de Rijkerhoek lag, aan de oever van het Groot Haarlemmermeer, ongeveer waar nu de Koekoekslaan / Meidoornlaan de Oude Haagseweg kruist, werd vervangen door het Fort aan de Nieuwe Meer, met een Lunet aan de overzijde van de Ringvaart. Deze is nog steeds zichtbaar in het landschap maar veel van het reliëf is verdwenen in de loop der tijd, door inklinking en gebruik als baggerdepot. Ook van het fort is de omwalling niet meer zichtbaar, wellicht zijn de wallen afgegraven om de grond op te hogen waar de magazijnen begin 20ste eeuw zijn gebouwd.

Verdedigingswerken aan den mond van het Nieuwe Meer. Ontwerp voor het Fort aan de Nieuwe Meer, met in het midden de Ringvaart. Het zuidwesten is boven; 1845.
Met de drooglegging van het Groot Haarlemmermeer veranderde er veel in de militaire situatie van de hoofdstad. Toen diverse forten of ‘Posten van Krayenhoff’ hun functie verloren werden nieuwe forten gebouwd, onder andere het Fort aan het Schiphol, enkele kilometers naar het zuiden. Door de ligging in de as van de Ringvaart kon de vaarweg effectief beheerst worden. De Riekerpolder kreeg een stevige oever aan de westzijde maar moest een flink stuk grondgebied afstaan dat aan de andere kant van de Ringvaart kwam te liggen. Dit is nog steeds goed te zien in het landschap, het Koekoekslaantje markeert de oude westoever. Hier werd het Lunet aangelegd.

Minuutplan uit omstreeks 1845 van de Sloter Bovenwegs Polder (Riekerpolder) met linksonder de pas gegraven Ringvaart van de nog niet drooggemaakte Haarlemmermeer. Het fort aan het Nieuwe Meer is doorsneden. Links daarvan een deel van de Riekerpolder dat in de Haarlemmermeerpolder is komen te liggen.
Op de plek van het vroegere ‘Fort aan de Nieuwe Meer’ verrees vanaf 1918 een magazijn, later werd dit het ‘Magazijn voor Bijzondere Opkomst en Marechaussee Kazerne Nieuwe Meer’. Sinds circa 1990 zit hier ‘Stichting Nieuw en Meer’.

Magazijnen gebouwd vanaf 1918 op de plek van het vroegere Fort aan de Nieuwe Meer; 4 december 2025. Foto: Erik Swierstra.
De Lindeboom
Door de huidige bewoners van de Magazijngebouwen op de plaats van het eertijdse fort werden we opmerkzaam gemaakt op een fraaie, vijf-stammige, lindeboom tussen bosschages aan de zuidzijde van hun terrein. Op woensdag 12 november 2025 namen we poolshoogte en zien inderdaad, bijna op de erfgrens, de fraaie boom staan. De boom heeft op het maaiveld een stamomvang van 4,1 meter en op geringe hoogte is de stam uitgegroeid in 6 stammen. Daar moet in een grijs verleden iets gebeurd zijn, snoeien of beschadiging door grote grazers. Op ettelijke meters afstand van de stam zijn er takken tot op de grond doorgebogen en hebben wortels gevormd en zijn uitgegroeid tot nieuwe bomen met reeds behoorlijke omvang. Afleggers heet dat in jargon, zoiets hebben we nooit gezien bij lindes, deze boom moet jarenlang met rust gelaten zijn.
De vraag rijst waar deze linde vandaan komt, want het is beslist geen algemeen voorkomende soort in het Hollandse veen, waaruit de bodem hier bestaat. In de Oeverlanden staan maar een tiental lindebomen die waarschijnlijk allemaal door toedoen van de mens hier terecht zijn gekomen. De gedachte is dan ook dat deze boom hier ooit is geplant. Soms werden linden gebruikt als markeringsboom om bestuurlijke grenzen aan te duiden. Een mooi voorbeeld hiervan is de ‘Napoleonslinde’ op het plateau van Margraten nabij het dorp ’t Rooth. Maar veel vaker gebruikt als beplanting van een erf om schaduw en koelte te verkrijgen in het huis of boerderij.

Kaart van de Militaire Magazijnen langs de Ringvaart bij de Nieuwe Meer. Aan de bovenkant de nog niet vergraven Riekerpolder, aan de onderkant de contouren van het vroegere Fort aan de Nieuwe Meer. De oude oeverlijn is goed zichtbaar en loopt in vloeiende lijn naar het Koekoekslaantje (aan de onderkant); circa 1940. Uitsnede van een kaart van Publieke Werken Amsterdam.
In de Franse tijd, rond 1809 onder Louis Bonaparte, koning Lodewijk Napoleon, werd het Jaagpad aangelegd op de kade van de Riekerpolder langs de Nieuwe Meer. Dit in samenhang met een nieuwe schutsluis in de Kostverlorenvaart / Schinkel ter vervanging van de overtoom. Een belangrijke verbetering voor de scheepvaart. Het zou dus kunnen dat aan het einde van het Jaagpad er een markeringsboom is geplant. Het is echter moeilijk voorstelbaar hoe toentertijd de situatie precies was. Door de aanleg van de Ringvaart is er aan de Riekerpolder ook een stuk grond aangeplempt in de Nieuwe Meer. Dit stuk grond ligt ten zuiden van het terrein van de stichting ‘Nieuw en Meer’ en werd gebruikt door jachthaven de Boekanier. Er zitten nog steeds enkele bedrijven in de watersport en er is een bunkerstation voor scheepsbrandstoffen.

Luchtfoto van de Ringvaart met erboven de Militaire Magazijnen. Bovenaan de uitgegraven Riekerplas met de nog niet afgebroken Riekermolen. Rechts de oude oever van de Nieuwe Meer met Café Opoe, helemaal rechts. De oude oeverlijn laat zich goed zien en loopt in vloeiende lijn naar het Koekoekslaantje (aan de onderkant); mei 1956.
In de jaren vijftig werd de Riekerpolder 60 hectare kleiner door zandwinning ten behoeve van de ophoging voor de bouw van de tuinsteden in Amsterdam Nieuw-West. De luchtfoto uit 1956 laat zien dat een zandzuiger de Riekerpolder verzwelgt. Het Jaagpad met Café Opoe ligt er nog als een smal dijkje, maar de Riekermolen is vandaar uit al niet meer te bereiken. De molen werd al gedemonteerd en verhuist in later naar de Amstel, waar die samen met een beeld van Rembrandt een toeristentrekker vormt. Alle bebouwing aan het Jaagpad werd gesloopt, het munitiedepot op nrs. 200-201 en Café Meerzicht (Opoe) op nr. 234 en enkele kleinere schuren.

Uitsnede van een Kadasterkaart van de omgeving van ‘Nieuw en Meer’; 2025. In het groene gebied in het midden de vroegere Militaire Magazijnen. Boven is de Nieuwe Meer. Rechts aan het einde het terrein van de jachthaven. Onder de Ringvaart zijn de contouren zichtbaar van het vroegere Fort aan de Nieuwe Meer.
De Beeldbank van het Stadsarchief Amsterdam
Als het nabije verleden onbekend is biedt de Beeldbank soms uitkomst, al werden er vroeger natuurlijk niet zoveel foto’s gemaakt als tegenwoordig. Niet alles dat je nu wil zien vond men toen interessant om te fotograferen, want moeilijk en kostbaar. Klein voordeel in deze omgeving is: we zijn de buren van de luchthaven die is voortgekomen uit het militaire vliegveld dat in 1916 is aangelegd aan de voet van het Fort aan het Schiphol. Vanaf het begin is er gefotografeerd vanuit het vliegtuig, en dus ook ons hoekje.

Zicht vanaf de Ringvaartdijk naar het oosten. Het fortwachtershuis met daarachter een munitiemagazijn met omwalling. Links een loods die nog steeds aanwezig is, in het midden in de verte de Riekermolen. Foto: J. van Eck; 1922.

Fort het Schiphol aan de Ringvaart in 1925 (gesloopt in 1936), met op de achtergrond het gelijknamige vliegveld.

Waar het Jaagpad eindigt bij de Ringvaart. Midden rechts het huis van de fortwachter, waarachter de lindeboom zal hebben gestaan. Links van de zeilboot is nog net het pontje over de Ringvaart van Piet Eilander zichtbaar. Foto: J.van Eck;

Vlak aan de Ringvaart, midden onder, staat het huis van de fortwachter. Links daarvan een magazijn van explosieven binnen een aarden omwalling. De aanplemping rechts is goed zichtbaar. Midden boven Café Opoe. Rechtsonder de veerpont van Piet Eilander over de Ringvaart tussen het Jaagpad en de Ringvaartdijk: 1931 (detail van een luchtfoto).
Bezoek aan de linde op 12 november 2025
Ter plaatse zijn enige hoogteverschillen te zien: dit duidt wellicht op de oude oever van de Nieuwe Meer die dicht onder het fortterrein langs liep naar het Koekoekslaantje aan de overzijde van de Ringvaart. Het fort beheerste de ingang van de Nieuwe Meer. Op het terrein van de jachthaven is echter vrijwel alle reliëf verdwenen.
Bezoek aan de linde op 4 december 2025
Op 4 december bezoeken we nogmaals de bundellinde en meten de stamomvang op 1,30 meter hoogte, waar die iets meer dan 3 meter is. Tevens meten we de afstand tot de oever van de Ringvaart die ongeveer 24 meter bedraagt. Op de Nieuwe Oude Haagsebrug over de Ringvaart meten we de breedte van de Ringvaart om een goede maateenheid te krijgen bij de luchtfoto’s. De Ringvaart blijkt hier 40 meter breed te zijn.
Alles in acht genomen moet de boom vlak achter het fortwachtershuis hebben gestaan. Dat huis is wellicht in de oorlog beschadigd geraakt en gesloopt. Wanneer het huis is gebouwd is lastig te bepalen, maar gezien de bouwstijl lijkt het aannemelijk dat het begin 20ste eeuw zal zijn geweest.
Komende tijd zal nog door meer mensen naar de boom gekeken worden en kan meer gezegd worden over leeftijd. Op de leeftijd van een lindeboom die wel 500 jaar oud kan worden, in gunstige omstandigheden, is deze boom waarschijnlijk nog wel een jonkie.

De lindeboom nog in blad. Vooral de diagonale structuur oogt heel speciaal; september 2025. Foto: Wouter van der Wulp.
Een aardige vondst in de beeldbank van het Stadsarchief is de bevinding dat de meeste foto’s in deze buitengebieden van Amsterdam gemaakt zijn door Jacobus van Eck, makelaar in thee. Liefst 1.822 foto’s van hem zijn in het beeldarchief opgenomen. De foto’s hebben vaak een zeer hoge kwaliteit, mede door assistentie van A.M. van de Waal, en beslaan eigenlijk alle windstreken van stad en land van Amsterdam.
Ook het Jaagpad en de Nieuwe Meer hadden zijn belangstelling, een aantal foto’s moet vanaf een boot gemaakt zijn, zoals de foto uit 1936. Met wisselende productiviteit fotografeert hij van 1917 tot april 1940, de bezetting maakt er een einde aan. Zijn fascinatie voor de metamorfose die Amsterdam en ommeland doormaakt gedurende zijn leven en zijn wens de herinnering aan hoe het was voor het nageslacht vast te leggen, vat hij samen in het boek ‘De Amsterdamsche Schans en de Buitensingel’ dat postuum verschijnt in 1948 bij het Koninklijk Oudheidkundig Genootschap. Hij was er jarenlang penningmeester.
Nico Jansen; december 2025.
Zie ook:
* Wat er nog rest van de Riekerpolder
* Sloten en de Stelling van Amsterdam
* Fort aan de Nieuwe Meer op Wikipedia
De vrijwilligers die vaker contact hebben met de gemeente en andere Slotenaren waren vlak voor Kerst 2025 onaangenaam verrast toen zij een massief betonnen ‘bunker’ in de groenstrook op de hoek Slimmeweg / Sloterweg zagen.
Hun reacties samengevat: “Wat doet dat voor een foeilelijk gedrocht in het beschermde dorpsgezicht? Wíj moeten ons aan allerlei (welstands)regels van het bestemmingsplan en het beschermde dorpsgezicht houden. Dat doen we graag, maar diezelfde regels gelden dan toch ook voor de gemeente in de openbare ruimte? Opnieuw lapt de gemeente de regels aan zijn laars.”

Deze betonnen constructie op de hoek van de Slimmeweg en de Sloterweg zal – als het aan de gemeente ligt – een jaar lang deze entree van het Beschermd Dorpsgezicht Sloten ontsieren. Als iedereen zijn grofvuil alléén netjes in de betonnen constructie zal achterlaten, dan zal deze in overleg met de Slotenaren worden vervangen door een bij het monumentale dorp passend uiterlijk. Tenminste, áls dit hier procedureel in het beschermde dorpsgezicht én in de groenstrook is toegestaan…
Erg lange testperiode van een jaar
Een woordvoerder van stadsdeel Nieuw-West geeft uitleg: “De gemeente heeft de grofvuilplek aan de Langsom / Slimmeweg verplaatst. Hiermee hopen we de aanhoudende overlast van grofvuil op deze locatie te verminderen. Grofvuil wordt hier regelmatig op verkeerde plekken of dagen neergezet. Dat zorgt al langere tijd voor rommel en hinder voor omwonenden. Ondanks extra handhaving, opruimacties door buurtbewoners en verschillende fysieke maatregelen bleek deze niet structureel oplosbaar. De huidige inrichting is tijdelijk en een onderdeel van een pilot, die een jaar zal duren. Tijdens deze testperiode zal de gemeente monitoren of de overlast afneemt en de locatie beter beheersbaar wordt. De gemeente zal gedurende de pilot contact onderhouden met de vrijwilligers van de werkgroepen en met omwonenden. Als tijdens de proefperiode zal blijken dat de overlast afneemt, dan zal de gemeente samen met bovengenoemden kijken naar een inrichting die beter past bij de omgeving en het karakter van Sloten.” De woordvoerder van de gemeente laat verder weten “dat de constructie wel tegen een stootje moet kunnen omdat grofvuil wordt opgehaald met een grote grijper”. Hij kan niet zeggen of deze toch wel erg langdurige proef zal worden ingekort als blijkt dat deze oplossing niet werkt. Slotenaren verwachten dat “het best eens zou kunnen dat de overlast door deze pilot alleen maar zal toenemen. Nu kunnen ze zowel rond de containers als in de betonnen bunker afval dumpen…”
Hier stoppen met inzamelen grofvuil en herinrichten
De Werkgroep Sloten heeft ongeveer een jaar geleden voor het laatst contact gehad met de gemeente over de constante ernstige vervuiling bij dit afvalpunt, dat de entree vormt van het beschermde dorpsgezicht. Op dat moment en ook al eerder hebben de vrijwilligers aangegeven dat welke oplossing er ook gekozen zou worden, dat deze altijd moet voldoen aan de welstandseisen die hier gelden. Toen ambtenaren dan ook opperden om het afvalpunt te verplaatsen en “mogelijk iets met dubbele betonblokken te willen doen” heeft de werkgroep deze optie meteen afgewezen. Verder heeft de werkgroep herhaaldelijk met de gemeente gedeeld dat ook de gemeente – na het decennialang uittesten van allerlei oplossingen – inmiddels zou moeten concluderen dat het op deze plek inzamelen van grofvuil het beste kan stoppen. Dat kan ook makkelijk omdat deze locatie niet eens officieel de status heeft van inzamelpunt voor grof afval. Als die knoop eenmaal is doorgehakt, dan kan deze locatie daarna eenvoudig en met weinig middelen worden heringericht met (bloeiende) groene hagen, die het onmogelijk maken om daar nog vuil te dumpen. De Werkgroep Sloten houdt zich – anders dan ambtenaren die komen en gaan – al tientallen jaren met dit probleem bezig en wordt helaas keer-op-keer geconfronteerd met andere ambtenaren die het wiel denken te kunnen uitvinden…
“Waarom werkt de gemeente niet met ons samen?”
Zowel de vrijwilligers van de Werkgroep Sloten Schoner, de Werkgroep Sloten als de Dorpsraad betreuren het dat de gemeente in dit project niet samen met hen is opgetrokken: “Al bijna 70 jaar zijn er in het landelijke gebied kundige en positief meedenkende vrijwilligers actief die – bij gerezen problemen – samen met de gemeente oplossingen bedenken voor de inrichting van de openbare ruimte. En dit geldt zeker voor het dorp Sloten. Normaal gesproken bedenken de gemeente en de vrijwilligers eerst samen wat de beste oplossing voor een probleem is. Als het bestuur deze oplossing ondersteunt, draagt de gemeente deze oplossing vervolgens – eventueel samen met ons – uit in de Nieuwsbrief (en voorheen in de Rubriek in de Westerpost) Sloten-Oud Osdorp of in een bewonersbrief. En daarna volgt pas de uitvoering. Zo doen we dat al jaren met goed resultaat. Gemeente, benut onze kennis en onze betrokkenheid. Wij willen graag samenwerken en er samen voor zorgen dat het landelijke karakter optimaal wordt beschermd.”
Is dit zonder vergunning überhaupt toegestaan?
De vrijwilligers vragen zich daarnaast af of deze gekozen toch wel erg langdurige pilot op twee punten juridisch wel houdbaar is: “In het Beschermd Dorpsgezicht Sloten gelden stringente welstandsregels. Mag de gemeente dit betonnen gedrocht zonder vergunning, ontheffing en inspraak hier zomaar plaatsen? Hetzelfde geldt voor het afwijken van het bestemmingsplan. De gekozen locatie heeft officieel de bestemming ‘groen’. Is deze verharding hier überhaupt toegestaan?” De woordvoerder van de gemeente ging desgevraagd niet in op deze vragen.
Eerste resultaten van pilot van de gemeente
De vrijwilligers van de Werkgroep Sloten Schonen zagen helaas op 28 december meteen hun gelijk al bevestigd. Sommige mensen lieten hun afval inderdaad netjes achter in de daarvoor bestemde bunker. De meeste vuildumpers plaatsen hun afval echter ‘gewoon’ op de vrije ruimte rond de containers en zelfs in de berm langs de Slimmeweg naast de afvalbunker. De vrijwilligers van de werkgroep legden tijdens hun vaste zondagochtendprik vast rond 11 uur.

Sommigen laten hun grofvuil en vooral veel dozen, die hier niet thuishoren, achter in de betonnen bunker die de gemeente heeft geplaatst.

De hoop met illegaal naast de containers achtergelaten vuilnis aan de overkant van de Slimmeweg is weer fors.

Even verderop heeft men naast de nieuwe afvalbunker in de berm langs de Slimmeweg ook als gebruikelijk grofvuil achtergelaten.
Na het koffiedrinken zagen de prikkers dat de gemeente rond 13 uur het afval naast de containers en in de berm had verwijderd. De vrijwilligers erkennen dat de pilot nog maar nét is gestart en dat er dus nog geen sprake kan zijn van gewenning aan de nieuwe situatie.
Telkens opruimen nodigt uit tot meer foutieve afvaldumpingen
Zij vragen zich wel af “wat de gemeente ermee bereikt als afval dat op de verkeerde plek is gedumpt telkens wordt verwijderd? Nieuwe afvaltoeristen zien dan een lege stoep zullen zo worden uitgenodigd om dezelfde fout te maken.” En zij vragen zich af of “dit niet niet juist een verkeerd signaal afgeeft, dweilen met de kraan open en verspilling van gemeenschapsgeld is. Door telkens ruimte maken bied je als gemeente onbedoeld letterlijk ruimte voor het opnieuw verkeerd aanbieden van (grof)vuil. Het lijkt op deze manier zelfs bijna een extra service voor degenen die zich niet aan de regels houden”. Slotenaren geven al veel langer aan dat wat hen betreft de enige oplossing ligt in het op deze plek met beplanting niet langer mogelijk maken om zwerfvuil te dumpen in combinatie met permanent cameratoezicht met handhaving. De werkgroep Sloten Schoner twijfelt er dan ook aan “hoe verstandig het is om deze proef een jaar lang te laten voortduren en als maatschappij zoveel geld te spenderen aan deze pilot”.
Tamar Frankfurther; 28 december 2025.
Op 10 december 2025 kregen de inzenders van de projecten die meedongen naar geld uit het gemeentelijke Buurtbudget te horen of voldoende inwoners op hun projecten hadden gestemd.
En zij vernamen of zij in aanmerking zouden komen voor de euro’s uit de gemeentelijke pot die bestemd is voor de wijken Sloten, Nieuw Sloten en De Aker. De vrijwilligers van de beide Slotense projecten – het ene op het dorp Sloten en het andere bij de Rijks Hemelvaart Dienst in De Oeverlanden – gingen niet met lege handen naar huis. Met dank aan alle bewoners die de moeite hebben genomen om op hen te stemmen. Volgend jaar zal de gemeente waarschijnlijk een ander systeem voor bekostiging van buurtinitiatieven optuigen.

De initiatiefnemers van beide Slotense projecten zijn erg blij dat zij de aangevraagde bijdragen uit het Buurtbudget hebben binnengesleept. Van links naar rechts: Anne Nicolai en Hella Hendriks van de Dorpshuis-tuin en het Dorpshuis en Jasen Jakiç en Andres van Beek van ‘Outdoor Life’ bij de Rijks Hemelvaart Dienst bij De Oeverlanden. Foto: Ria Egberts.
‘Outdoor Life’ ontvangt 30.000 euro
Outdoor Life gaat creatieve buitenactiviteiten aanbieden. De initiatiefnemers willen met iedereen (uit de buurt) die wil helpen een duurzame shelter bouwen waar allerlei activiteiten kunnen worden georganiseerd, met de focus op ontmoeting. Er worden diverse workshops gegeven, zoals tuinieren, klussen, ‘bushcraft’ en survival. Er komt ook iedere maand een tweedehands markt voor gereedschap en materialen. Bij alle activiteiten zal centraal staan: samen – jong en oud – leren, werken en genieten in het groen.
‘Tuin en betere bergruimte Dorpshuis Sloten’ ontvangt 10.000 euro
De vrijwilligers die eerder al het Dorpshuis hebben opgeknapt en de tuin bij het pand omgetoverd hebben in een duurzaam paradijsje, zijn nog niet klaar. De Dorpshuisgroep kan het geld uit het buurtbudget goed gebruiken. Met driekwart van het totaal zullen deze vrijwilligers het podium opknappen, een archiefruimte aanleggen en waar mogelijk extra bergruimte in het pand maken.
Als het weer het toestaat, zijn er iedere zaterdagochtend vijf vrijwilligers in de tuin bij het Dorpshuis te vinden. Van een deel van het verkregen bedrag wil de Tuingroep twee picknicktafels en losse stoelen aanschaffen. Daarnaast willen zij een afsluitbare berging in elkaar timmeren. Daar kan het tuingereedschap dan veilig in worden opgeborgen. De vrijwilligers hopen dat er daarna nog geld over is voor een gastvrij egelhuisje. Hierna zullen het Dorpshuis en de aangrenzende tuin nog fijnere plekken worden voor allerhande activiteiten.
Tamar Frankfurther; 16 december 2025.
Op maandag 8 december 2025 heeft Emre Ünver namens het Dagelijks Bestuur van stadsdeel Nieuw-West de breed gesteunde petitie ‘Stop de vergunning voor zaalverhuur De Diamant’ uit handen van de Werkgroep Sloten van de Dorpsraad Sloten-Oud Osdorp in ontvangst genomen.
Sinds 2012 ervaren omwonenden in de wijde omtrek – tot in Badhoevedorp, de Aker en Nieuw Sloten – grote overlast van de bezoekers van het zalencentrum dat gevestigd is aan de Langsom 12 op Sloten.

Stadsdeelvoorzitter Emre Ünver is blij dat de bewoners van Nieuw-West en Badhoevedorp dit duidelijke signaal geven. Ünver: “Wees ervan verzekerd dat de gemeente de inhoud van deze breed gesteunde petitie zeer serieus zal nemen.”
Vuurwerkoverlast tot in wijde omgeving
Bij de ervaren overlast in de openbare ruimte rond De Diamant gaat het om zaken als: houden van straatraces, alcohol en drugs gebruiken, seks hebben, vechten, schreeuwen, harde versterkte muziek afspelen en omwonenden en andere passanten intimideren. Op grotere afstand ondervinden veel meer bewoners overlast van het vuurwerk dat met grote regelmaat laat in de avond tot diep in de nacht op straat wordt afgestoken. Ook de zwerfkatten – die om de hoek worden opgevangen – en de pony’s van de manege aan de andere kant van de Langsom – worden keer- op-keer opgeschrikt door de keiharde knallen.
Ook buiten Sloten brede steun
Ünver gaf aan dat het duidelijk is dat hier sprake moet zijn van ernstige overlast: “Ook als in totaal 20 omwonenden deze petitie gesteund zouden hebben, zou het stadsdeelbestuur de inhoud van deze petitie uiteraard serieus hebben genomen. Maar dit hoge aantal steunbetuigingen geeft aan dat er blijkbaar veel meer bewoners – die ook verder weg van de Diamant wonen – ernstige overlast van het zalencentrum ondervinden. Weet dat ik dit signaal zeer serieus neem.”
Dossier opstellen over complex probleem
De stadsdeelvoorzitter stelde vragen om de problematiek rondom Zalencentrum De Diamant beter te leren kennen. Om geen verkeerde verwachtingen te scheppen gaf hij aan dat hij niets kan beloven over het al dan niet verlengen van de vergunning. Wat hij wel kon toezeggen is dat hij op korte termijn met de andere bestuursleden, het gebiedsteam en inhoudelijke experts van de gemeente om de tafel zal gaan zitten om het dossier en alle feiten boven water te krijgen.
Ünver: “Het is allereerst van belang om het dossier te kennen. Wat is er tot nu toe aan feiten verzameld? Hoeveel klachten zijn er bij de gemeente en politie bekend? Hoe is er met deze klachten omgegaan? Welke afspraken zijn er gemaakt naar aanleiding van de eerdere mediation? Houdt de ondernemer zich aan de verleende vergunning? Ik neem de breed ervaren overlast serieus en neem de inspanningsverplichting op me om te kijken hoe we als gemeente – en mogelijk met veiligheidspartners – de situatie kunnen verbeteren. Laat me eerst alle ins en outs van dit complexe dossier op een rijtje krijgen. Dan pas zullen we als gemeente kunnen bepalen welke stappen we – binnen de regels van de rechtsstaat en de procedures – kunnen zetten. Maar weet: Ik beschouw dit echt als een stevig signaal. Als we ons huiswerk hebben gedaan, nemen we contact op met de Werkgroep Sloten.”
Blijf ervaren overlast melden
Als bepaalde overlast al jaren voortduurt, lijkt het soms alsof klagen geen zin heeft. Het tegendeel is het geval. Daarom vraagt de Werkgroep Sloten aan iedereen – die dichtbij of verder weg van De Diamant woont – ervaren overlast onvermoeibaar te blijven melden, zowel bij de politie als bij de gemeente. Dit kan anoniem. In geval van straatraces en bedreigingen is er sprake van acuut gevaar. Bel dan 112. Bij andere overlast belt u 0900 8844. Daarnaast is het raadzaam om bij de gemeente een melding te doen. Dit kan via de website of door 14020 te bellen.
Tamar Frankfurther; 16 december 2025.
Het staat verkeerd in álle schoolboeken. De eerste trein in Nederland reed níet tussen Amsterdam en Haarlem.
Ja, het toenmalige spoorwegstation lag op het huidige grondgebied van Amsterdam. Maar de eerste trein vertrok op 20 september 1839 vanuit de gemeente Sloten. Dat was toch echt 82 jaar vóór de annexatie van Sloten door Amsterdam.

In aflevering 2 van de serie ‘Welkom in Amsterdam’ nagespeeld hoe het vertrek van de allereerste trein vanaf het Slotense station d’Eenhonderd Roe op 20 september 1839 er – met een beetje fantasie – uit had kúnnen zien. Afbeelding: NTR 2025.
Historie met kwinkslag toegankelijk getoond
De redactie van de NTR-serie ‘Welkom in Amsterdam’ heeft de feiten wél goed op een rijtje gezet. Hierin wordt de 750-jarige geschiedenis van de hoofdstad in vogelvlucht verteld: van de eerste nederzetting aan het IJ tot aan de rolkoffers van vandaag. De serie is gemaakt voor kinderen, maar zeker ook voor volwassenen het bekijken waard. Aflevering twee gaat over de 18de en 19de eeuw. Hierin wordt het vertrek van de eerste trein uit Sloten met een komische noot en tegelijkertijd zo mogelijk historisch verantwoord nagespeeld.
Station vernoemd naar Herberg d’Eenhonderd Roe
De uitspanning d’Eenhonderd Roe lag aan de zuidkant van de Haarlemmertrekvaart. Nét buiten Amsterdams grondgebied. De uitspanning was op een afstand van honderd roeden – bijna 400 meter – ten westen van de Haarlemmerpoort. Het station was met een houten vlotbrug over de Haarlemmervaart verbonden met de herberg. De trein werd getrokken door twee locomotieven: de ‘Arend’ en de ‘Snelheid’. Aanvankelijk bestond de dienstregeling uit vier ritten per dag die vanuit Sloten vertrokken om 8, 10, 15 en 17 uur. De trein reed via Halfweg naar Haarlem en begon daar om 9, 14, 16 en 18 uur aan de terugrit. Pas drie jaar later, in 1842, vertrok de eerste trein vanaf het nieuwe Amsterdamse station Willemspoort.
“Snelheid van 38 km/uur is levensgevaarlijk”
De trein had een maximum-snelheid van 38 km/uur. Dat werd in die tijd nog als een “enorme vaart” beschouwd. In de serie spreekt de Amsterdamse arts, ondernemer en weldoener Samuel Sarphati zijn afgrijzen hierover uit: “Ahgrrrr… dood eng! De trein rijdt sneller dan 20 km/uur. Sneller dan op een fiets. Dat is veel te snel. Levensgevaarlijk! De koeien langs het sporen raken helemaal van slag. Die geven straks zure melk en de kippen leggen geen eieren meer…
Bovendien, de doctoren zeggen dat je als passagier in de trein kans loopt op verstikkingsgevaar. Want hoe kun je nog ademhalen als je zo snel gaat?” Deze uitspraken klinken vergezocht, maar ze gaan telkens vergezeld van bordjes in beeld met de tekst “Echt waar!”. Aangezien de auteurs zo zorgvuldig waren om te benoemen dat Sloten de vertrekplaats van de trein was, ligt het voor de hand dat ook deze feiten zullen kloppen…
Tamar Frankfurther; 30 november 2025.