Erik Swierstra

Gedeputeerde Pels eert winnaars schilderwedstrijd

De Amsterdamse Saskia Lensink is de trotse winnaar van de schilderwedstrijd ‘De geannexeerde gemeente Sloten, toen, nu en straks’. Dat bleek tijdens de prijsuitreiking op 2 september 2021 in de Molen van Sloten.

Winnaars van de schilderwedstrijd. V.r.n.l.: winnaar van de 3e prijs, Gerrie Bevers, 2e prijswinnaar, de Slotense Marjon Barlag, 1e prijswinnaar Saskia Lensink en helemaal links gedeputeerde Zita Pels. Foto: Tamar Frankfurther.

Gedeputeerde Zita Pels (GroenLinks) van de provincie Noord-Holland maakte het erg spannend. Eerst las zij het algemene juryrapport voor en reikte zij aan twaalf genomineerden een certificaat uit. Tot slot las zij de juryrapporten van de winnaars voor. Het was geen toeval dat juist de gedeputeerde die over Monumentenzorg gaat naar de molen was gekomen. Zij was het immers die de aanwijzing van de Molen van Sloten als provinciaal monument van harte ondersteunde in het College en de Provinciale Staten.

Molen is bouwpakket
Molenvoorzitter Frans Urban had in zijn welkomstwoord daarvoor al uitgelegd dat het vroeger heel normaal was dat molens verplaatst werden. “Molens zijn eigenlijk een soort bouwpakket. Op de balken van de achtkant van onze molen staan Romeinse cijfers. Als je hem uit elkaar haalt, kun hierdoor later altijd weer zien welke balk waar hoort. Zo kan een molen gemakkelijk worden verplaatst naar plekken waar, in het geval van de Molen van Sloten, water moet worden weggepompt. Dat deze molen hier pas sinds 1991 staat, is dus niet uitzonderlijk”, aldus de molenvoorzitter. De intacte originele romp uit 1847 van de molen was uiteraard van belang om provinciaal monument te kunnen worden, maar een ander argument woog minstens net zo zwaar. Zo bleek uit de toespraak van gedeputeerde Pels.

Mensen maken het erfgoed
Zita Pels gaf aan waarom zij erg blij was met de voordracht van de Molen van Sloten: “Wat hier bij de Molen van Sloten duidelijk speelt, is dat de vele vrijwilligers dit erfgoed al dertig jaar met passie uitdragen. Zij zorgen er – dag in dag uit – voor dat ‘hun’ monument gaat leven en blijft leven. Ik vind het eervol dat ik degene mag zijn die het besluit mag ondertekenen dat deze molen provinciaal monument wordt, maar de échte eer gaat naar alle vrijwilligers. Dankzij dertig jaar ploeteren hebben jullie hier niet alleen een prachtige werkende en goed onderhouden molen staan. Deze molen vervult ook nog eens een belangrijke rol in de gemeenschap. De prijsuitreiking en expositie van deze schilderijenwedstrijd in de molen is hiervan een prachtig voorbeeld. Zo gaat dit bijzondere historische erfgoed écht leven middenin de maatschappij.” Molenvoorzitter Urban is trots dat de molen tijdens deze jubileummaand ook officieel het predicaat ‘Provinciaal monument’ mag gaan dragen. “Dat is niet alleen eervol, maar het helpt ons zeker ook financieel. Al, is het wel zo dat alleen het bovenste deel van de molen monument wordt en dat deze status de geldzorgen niet verdrijft. Maar alle beetjes helpen!”, aldus de molenvoorzitter.

Kom de kunstwerken bewonderen
De werkgroep Historie organiseerde deze schilderwedstrijd omdat de grote landbouw-gemeente Sloten precies honderd jaar geleden werd geannexeerd. 24 kunstwerken van hoog niveau werden ingeleverd. De werken blijven te zien via deze link. Deze schilderwedstrijd werd mogelijk gemaakt dankzij een gulle bijdrage van het Fonds voor Nieuw-west.

Wie de drie prijswinnende schilderijen en de twaalf genomineerde schilderijen in het echt wil bewonderen, wordt op zijn wenken bediend: Ze blijven tot 19 september 2021 te zien op de stellingzolder van de Molen van Sloten. Iedereen die dat wil is hier dagelijks van harte welkom om tussen 11.00 en 16.00 uur de expositie te komen bekijken. Bij de kunstwerken is ook de uitleg van de kunstenaar zelf te lezen. Bij de drie winnende doeken hangen ook de juryrapporten. Wie in de molen komt kijken, mag een donatie in de fooienpot gooien.

Tamar Frankfurther; 2 september 2021.

Juryrapport Schilderwedstrijd ‘De voormalige gemeente Sloten; toen, nu of straks”

Algemeen
De jury was aangenaam verrast door de kwaliteit en diversiteit van de 24 inzendingen. Het viel de juryleden vooral op dat de kunstenaars het wedstrijdthema vanuit totaal verschillende invalshoeken hebben benaderd. Aan álle 24 inzendingen was duidelijk veel aandacht besteed. Uit de schilderijen spreekt duidelijk dat alle kunstenaars een fijn gevoel bij Sloten hebben. Het was opvallend dat relatief veel kunstenaars hun werk met olieverf hebben gemaakt. Sommige schilderijen waren expressief, andere juist niet. Er is met paletmes geschilderd, met vol penseel of juist teer in aquarel.

Het klinkt cliché, maar het was voor de driekoppige jury écht heel moeilijk om te kiezen. Eerst hebben zij digitaal hun voorkeuren bepaald welke van de 24 ingestuurde kunstwerken zij het mooist en technisch sterk vonden. De drie juryleden hadden in deze fase geen contact met elkaar. De 15 kunstwerken met de meeste punten zijn genomineerd. Deze kunstenaars kregen het verzoek hun schilderij te brengen naar het atelier van Schilderles Amsterdam aan het Stadionplein. Opvallend was het dat twee kunstenaars twee keer genomineerd zijn.

Toen de jury de schilderijen in het echt zag, bleken sommige kunstwerken beter of juist minder goed uit de verf te komen. De maatvoering van een schilderij bleek bepalend bij het gevoel dat je krijgt bij het zien van een schilderij. Of een schilderij in balans is. Het proces om uit de 15 genomineerden drie winnaars te kiezen, leverde ook weer veel discussie op. Maar uiteindelijk is de jury tot een unaniem oordeel gekomen!

Twaalf schilderijen vallen helaas niet in de prijzen, maar deze kunstenaars krijgen ieder een certificaat voor de nominatie.

Dan zijn er nu nog drie schilderijen over.

Derde prijs
De derde prijs gaat naar een bijzonder “expressief en eigenwijs schilderij met een unieke eigen stijl”. Het is bijzonder hoe de kunstenaar een figuratieve afbeelding organisch combineert met abstractie. Dat maakt het schilderij heel origineel. De jury herkende meteen als hart van het schilderij de plattegrond van de voormalige gemeente Sloten met de meren. Daar omheen het groen van het polderlandschap en aan de randen de nieuwbouw van stadsdeel Nieuw-West, die over het vroegere Sloten heen is gebouwd. Rondom wat resteert van Sloten nadert de nieuwbouw steeds dichterbij. Het vraagteken over de toekomst is veelzeggend: Zullen de weinige resten van de voormalige gemeente Sloten die nog over zijn wel behouden blijven? De jury vond het bijzonder dat het de kunstenaar lukte om hen zo te laten filosoferen over dit schilderij. Het nodigt uit tot het oplossen van de puzzel, tot interpretatie. Het is abstract, maar tegelijk ook figuratief en het legt daardoor duidelijk verbinding tussen vroeger en nu. En dat is waar het in deze prijsvraag over ging.

De kunstenaar heeft zelf natuurlijk allang door over welk schilderij dit gaat…

De derde prijs is voor: ‘Voorbij Grenzen’ van Gerrie Bevers.

Tweede prijs
De tweede prijs gaat naar een bijzonder kundig gemaakt schilderij. Het is een esthetisch hoogstandje waar het oog steeds naartoe getrokken wordt. Het ademt zowel een nostalgische als een grimmige sfeer uit. Het is bijzonder hoe de kunstenaar contrast in het schilderij heeft aangebracht. De lucht is groot en dreigend. Sloten is klein. Wordt het dorp bedreigd? Of zijn het donkere wolken die wegdrijven en heeft het dorp de bedreiging doorstaan? Blijft Sloten ongeschonden in de toekomst? Krijgt Sloten juist meer ruimte in de toekomst? Het schilderij is duidelijk gemaakt door een bewoner van Sloten, een Slotenaar. Dat blijkt ook uit de titel, waar warmte uit spreekt. De jury weet wel zeker dat de kunstenaar hier met plezier woont…

De tweede prijs is voor: ‘Thuiskomen’ van Marjon Barlag.

Eerste prijs
De jury is van mening dat dit schilderij “lekker en technisch goed geschilderd” is. Het schilderij is oorspronkelijk, krachtig geschilderd en de kunstenaar heeft duidelijk zijn eigen handtekening. De gebruikte techniek zorgt ervoor dat het schilderij ‘in beweging is’. Beide onderwerpen, het natuurpark dat gered is van bebouwing en het zicht op het oude dorp, het verleden en het nu, komen samen. De jury vroeg zich af of dit schilderij de suggestie wekt dat dit zicht bedreigd wordt in de toekomst. Of dat het schilderij juist benadrukt dat de afbeelding onveranderlijk is en voor altijd instant zal blijven: “Dat brengt spanning in het schilderij. Dat is bijzonder mooi!”.

De eerste prijs en duidelijke winnaar van deze wedstrijd is voor: ‘Vrije Geer, zicht op Sloten’ van Saskia Lensink.

Naschrift
Leuk hierbij te vermelden is dat Tamar Frankfurther, als organisator van deze wedstrijd, na de jurering vertelde dat juist dít zicht op het dorp in 1995 bedreigd werd. Het behoud van dit fraaie en open zicht op de oude dorpskern van Sloten vormde een belangrijk argument om het referendum tot behoud van het Weilandje Vrije Geer te organiseren. Het referendum werd gewonnen. Hierdoor werd dit zicht behouden. Er kwam geen woningbouw op en geen tramlijn dwars door het Weilandje. De spanning van 26 jaar geleden – of het wel zou lukken om het Weilandje groen te houden – heeft de kunstenaar blijkbaar op de onwetende jury overgebracht! Een bijzonder knappe prestatie en een terechte winnaar van deze wedstrijd!

De schilderijen zijn te zien via deze link.

Sloten; 2 september 2021.

Huis te Vraag wordt bedreigd en heeft uw hulp nodig

Wie via de Rijnsburgstraat, de vroegere Sloterweg, naar de Schinkelkade en de Zeilstraat fietst komt er langs: de imposante toegang naar begraafplaats Huis te Vraag. Het gaat om een uniek gebiedje van één hectare, dat sinds de annexatie van de gemeente Sloten door de gemeente Amsterdam decennialang werd vergeten.

Begraafplaats Huis te Vraag. Foto: Erik Swierstra.

De volgende keer dat u vanaf de Schinkel naar Sloten (of elders in Nieuw-West) fietst, kunt u even afstappen en het groene paradijsje bezoeken.

Daardoor is het nog gaaf en intact. Helaas heeft de gemeente er nu zijn zinnen op gezet om deze cultuurhistorie te willen vernielen, terwijl er prima alternatieven voor handen zijn. De geplande fiets- en wandelpaden hóeven immers niet per se dóór dit kleine gebied van één hectare te worden gelegd, maar kunnen er ook omheen worden geleid…

Voor degenen die Huis te Vraag nog niet kennen, volgt hieronder eerst een korte introductie. Daarna meer over de gemeentelijke plannen, wat hiertegen wordt ondernomen en hoe u kunt helpen.

Sinds de middeleeuwen
De geschiedenis van Huis te Vraag is rijk en gaat ver terug: In de middeleeuwen stond hier al een veerhuis aan de Schinkel met de naam ‘te Vraghe’ om de weg tussen Haarlem en Amsterdam te ‘overbruggen’. Het veerhuis was een van de weinige plekken in de omgeving waar je de weg kon vragen. Bekend is bijvoorbeeld dat de verdwaalde Maximiliaan van Oostenrijk, die in 1486 of in 1489 op bedevaart ging naar het Mirakel van Amsterdam, hier de weg vroeg.

1891: begraafplaats
De noodzaak van het veerhuis verdween aan het begin van de achttiende eeuw en er werd in het huis een katoendrukkerij gevestigd. Daar omheen ontstond een kleine nederzetting aan de Schinkel. Toen de drukkerij niet meer exploitabel bleek, werd het huis afgebroken.

Een jaar na de sloop, in 1891, legde Pieter Oosterhuis hier de eerste particuliere protestante begraafplaats van Sloten aan. Vanwege de aanleg van liet de eigenaar het polderland plaatselijk met zand uit Muiderberg twee meter ophogen. Hierdoor kwam het kerkhof op een terp kwam te liggen. Tegen dat talud liet Oosterhuis een zogenaamd ‘ontvangstgebouw’ neerzetten met verschillende wachtruimtes en een doodgraverswoning. De begraafplaats werd verdeeld in zestien secties en vier klassen, waar tussen de 12.000 en 16.000 doden hun laatste rustplaats vonden. In 1921 werd de gemeente Sloten, en dus ook deze begraafplaats, door Amsterdam geannexeerd.

Vergeten en verwilderd
Toen de begraafplaats vol was, werd de grond begin jaren zestig verkocht aan de gemeente Amsterdam. De dag erop werd deze gesloten en vergeten. Het gevolg was dat er geen onderhoud meer op de begraafplaats werd gepleegd. Alles verwilderde. De tuin leek op een gegeven moment meer op een compleet verwaarloosde zandverstuiving dan op een begraafplaats. In 1987 was Leon Jozef van Heijden zo moedig een sollicitatiebrief naar de gemeente te schrijven om beheerder van Huis te Vraag te worden. In zijn woorden: “Ik zou daar graag iets tot stand brengen”. En dát deed Leon.

Verborgen parel
In dertig jaar lukte het Leon om het ernstig verwaarloosde gebied om te ‘toveren’ in een paradijs op aarde. Al die jaren verdedigde Leon deze verborgen parel ook tegen de gretige projectontwikkelaars en de oprukkende stad. Dankzij zijn inzet valt het gebied inmiddels onder de Hoofdgroenstructuur van Amsterdam en is het een gemeentelijk en cultuurhistorisch monument, waaraan gebruiksregels, openingstijden, onderhoud en biodiversiteitsregels zijn verbonden.

Nu wordt deze oase van rust wederom ernstig bedreigd door grootstedelijke plannen. De gemeente wil hier dwars doorheen doorgaande (snel)fiets- en wandelpaden aanleggen en de idyllische begraafplaats opnemen in een openbaar stadspark. Zo blijkt uit de concept-projectnota Schinkelkwartier.

De plannen op het grondgebied van Huis te Vraag uit de concept-nota Schinkelkwartier verbeeld.

Catastrofaal als dit doorgaat
Als deze plannen op Huis te Vraag zouden worden uitgevoerd, zal het effect op dit gebied met zijn unieke karakter catastrofaal zijn. De ongewenste plannen passen totaal niet bij de erkende stilteplek, waar de ijsvogel nestelt. Het hier nog zichtbare en voelbare pre-stedelijke karakter van de stadsrand van Amsterdam eind 19e eeuw zou vernield worden. Dat betekent dat weer een van de weinige resterende stukjes waardevolle cultuurhistorie van de voormalige gemeente Sloten verloren gaat.

Als deze plannen door zouden gaan, wordt ook de laatste overgebleven veenweide in de wijde omgeving kapot gemaakt. Daarmee gaat een belangrijk stuk natuur aan de stadsrand verloren. En dat gebeurt dan juist op een moment dat het Amsterdamse stadsbestuur vergroening van de stad hoog in het vaandel heeft staan. Als de plannen voor het Schinkelkwartier niet worden aangepast, zal het dotterbloemlandschap, deze monumentale groene necropolis, voor altijd verloren gaan. De gemeente doet in zijn plannen voorkomen alsof de Hoofdgroenstructuur juist wordt verbeterd, maar: Het kan toch niet waar zijn dat uitbreiding van de Hoofdgroenstructuur in het Schinkelkwartier betekent dat deze kwetsbare groene hectare van onschatbare waarde vernield wordt? De Stichting Huis te Vraag heeft hierover een zienswijze bij de gemeente ingediend. Deze procedure loopt.

Teken de petitie
“Dat dit nog bestaat” een veel gehoorde verwondering van veel bezoekers en dat willen we graag zo behouden. Huis te Vraag moet gewoon met rust worden gelaten en verdient bescherming. Bent u het hiermee eens? Wilt u het behoud van deze unieke Slotense hectare steunen? Teken dan de petitie, kom bij ons langs tijdens het Open Monumentenweekend en blijf ons volgen via deze Nieuwsbrief.

Patrick van Ginkel,
Namens Stichting Huis te Vraag

www.huistevraag.nl

Zie ook:
www.slotenoudosdorp.nl/huis-te-vraag-dat-het-nog-bestaat
www.slotenoudosdorp.nl/huis-te-vraag-dodenakkers

Dit artikel als pdf-document: Huis te Vraag wordt bedreigd en heeft uw hulp nodig (pdf)

Nog altijd slechts 3 hectare (inclusief boomgaard) voor De Boterbloem

“De gemeente Amsterdam kwam op 26 augustus 2021 met oud nieuws in een nieuwe zak naar buiten”, zo vertelt actievoerster Alies Fernhout van Behoud Lutkemeer. “Het lijkt nu net of ze de goede kant op bewegen, maar het tegendeel is het geval!”

Het ‘nieuws’ van nu gaat over het officieel bekrachtigen van een overeenkomst die maanden geleden al in werking is getreden en goed bevalt. In die overeenkomst staat dat Trijntje Hoogendam van de biologische boerderij in Oud Osdorp haar bedrijf op twee hectare landbouwgrond in de Lutkemeerpolder mocht voortzetten. Daarnaast blijft de monumentale boomgaard van één hectare uiteraard behouden. Anders dan vroeger werkt Trijntje nu samen met partners. Als de samenwerking met hen net zo prettig blijft verlopen als nu het geval is, dan wordt deze tijdelijke overeenkomst voor twee jaar hoogstwaarschijnlijk omgezet in een langdurige overeenkomst. Erik Geurtsen van De Boterbloem hecht eraan te vermelden dat deze overeenkomst tot stand gekomen is dankzij grote inzet van de Amsterdamse Ombudsman: “Zij hebben een uiterst belangrijke rol gespeeld door partijen te leiden naar de overeenkomsten. Gegeven de omstandigheden een niet geringe prestatie.”

Strijd voor alle 43 hectare gaat onverminderd voort
Alies van Behoud Lutkemeer: “Helemaal los van deze overeenkomst, gaat de gemeente onverminderd door met het vernielen van de rest van de Lutkemeerpolder. Hun plannen voor het overbodige bedrijventerrein zetten zij onverminderd door! Wij willen dat ook die andere veertig hectare kostbare landbouwgrond in de polder behouden blijft. Wij gaan onverminderd door met deze strijd. Het kan nog steeds lukken!”

Ook de Telegraaf wijdde op 26 augustus een lang artikel aan het behoud van de Lutkemeerpolder.

Meer weten over de overeenkomst en hoe ecoboerderij De Boterbloem hierover denkt? Lees ook de brief van De Boterbloem aan hun donateurs.

Tamar Frankfurther; 31 augustus 2021.

Herinneringen aan de speeltuin Sloten: Judo, cowboyfilms en luilak

Omdat de Slotense speeltuin 100 jaar bestaat, stond er afgelopen voorjaar een oproep in deze Nieuwsbrief om herinneringen aan de speeltuin te delen. Ook Guido Frankfurther (1963) reageerde en deelt zijn herinneringen.

Judo in het verenigingsgebouw van de Speeltuin Sloten. Vierde van links is Guido; 20 juni 1970. Foto: Irene Frankfurther-Fischer.

In het speeltuingebouw werden toen nog door verschillende clubs wekelijks activiteiten georganiseerd. Jong en oud uit Sloten zat op judo. Bijna mijn hele familie zat er op: mijn vader P. Hans, mijn broer Felix en mijn zus Tamar.

Judo
Guido: “Ik zat op judo vanaf mijn zevende en ben gekomen tot de half-groene band. Bij een iedere nieuwe kleur band, kreeg je ook telkens een officieel diploma met Japanse tekens en de handtekening van de judoleraar erop. Dat vond ik prachtig. Die kwamen allemaal aan de muur van mijn slaapkamer. Ik herinner me dat we van tevoren zelf de matten moesten neerleggen. Daarover werd dan een groene stof strakgetrokken. We leerden worpen en grepen en hadden ook clubkampioenschappen. Hier op Sloten heb ik mijn enige sportprestatie van betekenis geleverd: een zilveren medaille in mijn leeftijdscategorie.”

Guido’s judo-diploma voor de gele band. Afbeelding: Archief Familie Frankfurther.

Vanuit de Rietvoorn en Sloterschool
“Vanuit de kleuterschool De Rietvoorn en de lagere school (de Sloterschool aan de Osdorperweg) gingen we vaak naar de Speeltuin. We liepen twee-aan-twee en hand-in-hand over de smalle stoep op Sloterweg langs het winkeltje van Mol. We moesten ook bij alle inritten en stegen wachten tot de juf of meester zei dat we weer door mochten lopen. Onze sportdagen waren ook altijd in de speeltuin. De ouders hielpen dan mee om de orde te handhaven en de standen bij te houden.”

In de zomervakantie
“Ieder jaar werd er ook een kinderkermis georganiseerd. Er waren kleine attracties en je had altijd prijs, zoals touwtje trekken en ringen gooien.

Daar keken we enorm naar uit. Later had je ieder jaar in de zomervakantie altijd de ‘Vliegende Brigade’ die langskwam. Dat was geweldig. Je kon er elke dag terecht voor allerlei sport en spel onder begeleiding van enthousiaste jonge mensen. Het was bijna jammer als je dan met vakantie ging.

Ook waren er filmmiddagen, waarbij 16 mm-films op een projector werden vertoond. Vaak cowboyfilms en limonade uit de keuken in de pauze. Die limonade rook naar klei, maar was wel lekker. En trappelen met de voeten als het spannend werd. Ik hoorde dat er nu plannen zijn om weer filmmiddagen en -avonden in het Dorpshuis te gaan organiseren. Dat is dan wel met een beamer. Minder romantisch, maar de films kunnen tenminste niet breken, zoals bij ons af en toe wel het geval was.”

Sticker uit 1976 ter gelegenheid van het 55-jarig jubileum van de Speeltuin Sloten. Afbeelding: Archief Familie Frankfurther.

Luilak met Van der Puij
“Hoogtepunt in het jaar: Luilak vieren. Dat stond onder leiding van Gerrit van der Puij, naar wie een straat op het dorp is genoemd. We verzamelden om 4 uur ‘s morgens bij de speeltuin, terwijl het nog helemaal donker was en je de eerste vogels hoorde fluiten. Rond 4.30 uur gingen we dan eerst de ‘lawaaironde’ door het dorp houden. Dat betekende voor de meesten onder ons: een paar keer op de fiets op en neer de Sloterweg af. Meestal met blikjes achter je fiets, maar ik ben ook een keer gaan lopen met mijn trommel van de Scouting Marsband Amsterdam. Dat gaf me toch een lawaai! Iedereen wakker! Na de lawaaironde kregen we wat te drinken en begon de wielerwedstrijd rond het dorp. Dat hield ons goed bezig en putte alle jongeren flink uit, zodat er in het dorp eigenlijk nooit rottigheid werd uitgehaald; iets waar Luilak in Noord-Holland helaas ook toen al om bekend stond. Na de wielerwedstrijd was er een ontbijt met kakelverse belegde broodjes in de prille ochtendzon om ca. 7 uur, aangeboden door Bakkerij Griffioen. Die kwam ze zelf ook brengen. Ik voel me bevoorrecht dat ik op Sloten heb mogen opgroeien en feliciteer de Speeltuin Sloten van harte!”

Guido Frankfurther; augustus 2021.

Omwonenden en nabestaanden verzetten zich tegen villa’s bij eeuwenoude begraafplaats Oud-Osdorp

Een eeuwenoude grafheuvel in Oud-Osdorp dreigt letterlijk uit beeld te raken door de bouw van twee villa’s. Omwonenden en nabestaanden vragen de rechter om bescherming van het monument.

Het Parool – Patrick Meershoek – 24 augustus 2021

Pronkstuk van de begraafplaats is de grafkelder van de familie Deckers.
Beeld: Dingena Mol.

De aan Sint Pancratius opgedragen kerk werd ruim honderd jaar geleden afgebroken, maar de kleine graf­heuvel is gebleven, als tastbare herinnering. Een dozijn grafstenen in het weiland, inclusief een grafkelder die toebehoort aan de familie Deckers. Zowel de begraafplaats als de tombe werd in 2018 uitgeroepen tot gemeentelijk monument, waarmee werd voorkomen dat het cultuurhistorisch erfgoed moest wijken voor de bouw van woningen op de grond.

De doden in Oud-Osdorp krijgen weinig rust, want drie jaar later ligt er een nieuw bouwplan op tafel, ditmaal voor de bouw van twee villawoningen op het perceel tussen de begraafplaats en de Osdorperweg. Zeven buurtbewoners staan vandaag voor de rechter tegenover de gemeente die de omgevingsvergunning heeft verleend aan de parochie Onze Lieve Vrouwe Geboorte in Halfweg, tegenwoordig eigenaar van de grond.

Beroemde steenhouwer
Volgens de buurtbewoners is de bouw van de woningen in strijd met het bestemmingsplan, en had de omgevingsvergunning nooit verleend mogen worden. Ook wijzen zij op het bijzondere ­ensemble van de begraafplaats in het open landschap. “De Sint Pancrashof is in Oud-Osdorp de enige plek met vrij doorzicht op de historische grafheuvel en het achterliggende polderlandschap,” stelt buurtbewoner Frans van der Woerd. “Dat mag niet verloren gaan.”

De cultuurhistorische waarde van de begraafplaats staat niet ter discussie. Eerder riep erfgoeddeskundige Margriet de Roever op tot grote voorzichtigheid bij de ontwikkeling van het gebied. De kunstig versierde graftombe is gemaakt door de beroemde steenhouwer Johannes Schumaker uit Den Bosch. “Dit is het enige grafmonument van zijn hand boven de grote rivieren,” aldus De Roever. “We moeten daar echt ontzettend zuinig op zijn.”

Vurige wens
Dat laatste is ook de vurige wens van Sybrand Buve uit Deventer, een ­nazaat van de familie Deckers van het familiegraf. In 1878 nam Aleide ­Deckers-Schaar als eerste haar intrek in de tombe, ruim dertig jaar later gevolgd door haar echtgenoot Alphonse. In 2017 ging het graf opnieuw open, ditmaal voor de overleden ­vader van Sybrand Buve, de filosoof Jeroen Buve die tevens de grondlegger was van de particuliere Geert Grote Universiteit.

De zoon schreef vorige week een persoonlijke brief aan burgemeester Femke Halsema met de oproep om de laatste rustplaats van zijn vader te ­beschermen tegen de oprukkende verstedelijking. De bouw van de ­woningen, al zijn het er maar twee, brengt volgens hem onomkeerbare schade toe aan de bijzondere plek. “Een prachtige combinatie van natuurlijke schoonheid en cultuurhistorie mag niet worden opgeofferd aan een financieel belang,” aldus Buve.

Verkeerde afweging
Dat financieel belang betreft met ­name de parochie uit Halfweg, die de euro’s uit de verkoop van de grond goed kan gebruiken. In de zienswijzen die in de aanloop naar de zitting van vandaag zijn uitgewisseld, geeft de gemeente aan dat het belang van de eigenaar van de grond in dit geval zwaarder weegt dan dat van de ­bezwaarmakers. Volgens de buurt­bewoners is dat een verkeerde af­weging en had de gemeente de vergunning nooit mogen afgeven.

Sybrand Buve is het daarmee eens. “Het bestemmingsplan biedt de gemeente alle mogelijkheden om de vergunning te weigeren. Het verbaast dat er anders is besloten. Ik heb er moeite mee dat het graf van mijn ­vader straks grenst aan een tuin waar honden en kinderen spelen. Maar dat is een particulier belang. Als cultuurhistorisch monument moet de begraafplaats voor alle Amsterdammers zichtbaar blijven. Dat argument moet wel zwaar wegen.”

Katholiek kerkhof
De kleine begraafplaats in ­Oud-Osdorp herinnert aan de­ ­bijzondere kerkgeschiedenis van Amsterdam en omgeving. Na de hervormde alteratie van 1578 was het katholieken eeuwenlang niet toegestaan hun doden in de stad te begraven. Dat veranderde bij wet in 1830. In het toen nog zelfstandige Osdorp nam de pastoor van de schuilkerk Sint Pancratius het initiatief voor de aanleg van een begraafplaats. Het hervormde dorpsbestuur wist dat nog tien jaar tegen te houden, maar in 1854 kregen de katholieken alsnog hun eigen dodenakker.

Van: www.parool.nl/amsterdam/omwonenden-en-nabestaanden-verzetten-zich-tegen-villa-s-bij-eeuwenoude-begraafplaats-oud-osdorp~b3d9eb5e/

De Boterbloem in Lutkemeerpolder mag blijven, maar wel op 10 hectare minder

Zorgboerderij De Boterbloem blijft bestaan. De boerderij, lange tijd het symbool van de strijd tegen de plannen om de Lutkemeerpolder vol te bouwen, moet wel genoegen nemen met veel minder land.

Het Parool – Bart van Zoelen – 26 augustus 2021

In de Lutkemeerpolder wordt al langer actie gevoerd voor behoud van De Boterbloem in de Lutkemeerpolder. Beeld: Dingena Mol.

Na een nieuwe bruikleenovereenkomst met de gemeente en de ontwikkelaar van het gebied, GEM, gaat de zorgboerderij op 3 hectare verder. Boerin Trijntje Hoogendam reageert daarom zuinig op de nieuwe bruikleenoverkomst die het voortbestaan van De Boterbloem heeft gered. De bruikleenovereenkomst is bovendien tijdelijk, geldig voor twee jaar. “Een klein beetje land is gered,” zegt Hoogendam. “Dat is beter dan niets.”

Want de rest van de Lutkemeer, 42 hectare groen bij Osdorp langs de rand van Amsterdam, dreigt nog altijd plaats te moeten maken voor een bedrijventerrein. Eerder dit jaar bleek dat supermarktconcern Ahold hier een distributiecentrum wil vestigen. De gemeente Amsterdam ziet het terrein bovendien als mogelijke nieuwe locatie voor een extra beveiligde rechtbank die in de plaats moet komen van ‘De Bunker’ even verderop in Osdorp.

Stadslandbouw
Op het nieuwe terrein gaat De Boterbloem samenwerken met stadslandbouwproject Pluk! en groentepakkettendienst De Stadsgroenteboer. Daarmee is de zorgboerderij wel gedwongen om het over een andere boeg te gooien. De uitgestrekte akkers waar De Boterbloem sinds 1996 op 14 hectare plek voor had, zijn op het veel kleinere areaal ingeruild voor tuinbouw en gewassen die meer geld opbrengen, zoals kool, pompoen en kapucijners.

Wethouder Marieke van Doorninck (Duurzaamheid) is blij dat De Boterbloem blijft. “Doordat de zorgboerderij gaat samenwerken met Pluk! en De Stadsgroenteboer worden nog meer Amsterdammers betrokken bij de stadslandbouw en kunnen ook kinderen door educatieve projecten leren waar hun voedsel vandaan komt.”

In 2018 drong de gemeenteraad erop aan om in de bouwplannen voor de Lutkemeerpolder plaats in te ruimen voor stadslandbouw. Toch moest De Boterbloem ook daarna vrezen voor zijn voortbestaan, want toen dreigde een aanbesteding die ook door een ander stadslandbouwproject kon worden gewonnen.

Laatste vruchtbare grond van Amsterdam
De Boterbloem ging jarenlang voorop in de strijd om de Lutkemeer groen te houden en ‘de laatste vruchtbare landbouwgrond van Amsterdam’ te redden. Het was ook vanuit de boerderij dat keer op keer vraagtekens werden gezet bij de oorsprong van de bouwplannen na grondtransacties. Daarbij was de in 2013 wegens corruptie tot celstraf veroordeelde provinciebestuurder Ton Hooijmaijers betrokken.

Maar met de redding van De Boterbloem zal er geen einde komen aan de acties om de Lutkemeerpolder groen te houden. Onlangs organiseerde klimaatactiegroep Extinction Rebellion hier nog een actiekamp. Ook is de actiegroep Behoud Lutkemeer al geruime tijd actief. Alies Fernhout, namens Behoud Lutkemeer: “Het protest gaat door, alleen niet meer vanuit De Boterbloem.”

Van: www.parool.nl/amsterdam/de-boterbloem-in-lutkemeerpolder-mag-blijven-maar-wel-op-10-hectare-minder~bf6ae890/

Gezocht: verhalen over Nieuw-West van vroeger, nu of in de toekomst

De Osdorpse boekwinkel Meck&Holt lanceert een verhalenprijsvraag. De circa twintig mooiste verhalen worden gebundeld in de vijfde editie van de ‘Nieuw-West Side Stories’.

Tuinder met zicht op Sloten. De beide kerktorens van de Slotense dorpskern zijn zichtbaar. Foto: Beeldbank Stadsarchief Amsterdam.

Schrijvers krijgen veel vrijheid, maar de teksten moeten wel gaan over of zich afspelen op het grondgebied van Nieuw-West. Het mag fictie, of non-fictie zijn en spelen in verleden, heden of toekomst.

Over Slotense belevenissen in het zwembad of op school?
Wie de eerdere edities van de ‘Nieuw-West Stories’ kent, weet dat verhalen over het voormalige landelijke gebied Sloten-Oud Osdorp hierin tot nu toe oververtegenwoordigd zijn. Lezers waarderen deze teksten ook, omdat ze de wereld, die onder het zand van Nieuw-West bedolven werd, weer even tot leven roepen. Kent u nog een mooi verhaal over de het vergane Slotense leven, over boeren in de voormalige gemeente Sloten, de tuinders van de Louwesweg, de Noorder- of Zuiderakerweg of over een winkelier in de dorpskern van Sloten? Het hoeft niet echt gebeurd te zijn… De winnaar van de ‘Publieksprijs Nieuw-West 2022’ ontvangt € 1.000,-. Meer weten? Klik hier.

Tamar Frankfurther; 20 augustus 2021.

Eénmalige ‘Night Experience’ in de Molen van Sloten

De Molen van Sloten biedt een unieke ervaring: Dwaal ‘s nachts met een lantaarntje door de donkere draaiende molen.

‘Night Experience’ in de Molen van Sloten.

Avondmensen, nachtbrakers, vroege vogels en iedereen die iets romantisch en avontuurlijks wil meemaken, is in de nacht van 10 op 11 september 2021 welkom in de molen. Die nacht markeert namelijk de start van het dertigjarige jubileum.

Spannend of romantisch (?) avontuur
In kleine groepjes van maximaal vier personen, verken je samen met de molenaar de hele molen. Je loopt in het donker, bij het schijnsel van een lantaarntje, over de smalle trapjes tot helemaal bovenin de woonzolder. Je hoort het geluid van de wind, het gekraak van de werkende molen, de wieken die langs zoeven en flarden live pianomuziek. Na afloop kun je even bijkomen met een drankje en een hapje. Uitsluitend ieder uur in de nacht van 10 op 11 september 2021 tussen 20.00 tot 6.00 uur. Er is dus maar een beperkt aantal plekken á € 30,- p.p. beschikbaar… Lezers van deze website hebben een streepje voor. Boek hier.

Tamar Frankfurther; 20 augustus 2021.

Schaakclub ODI in de Speeltuin Sloten

Sloten had van oorsprong een rijk verengingsleven. Vanuit beide kerken werd in het Parochiehuis en in gebouw Vink en Boer, maar vooral ook in het verenigingsgebouw van de Speeltuin Sloten van alles georganiseerd.

De werkgroep Historie beschikt (nog) niet over een foto van ODI, maar deze foto van het speeltuingebouw uit 1953 toont waar de club bijeen kwam.
Foto: Beeldbank Stadsarchief Amsterdam.

In 1935 werd Max Euwe wereldkampioen schaken. In het hele land, en ook op Sloten, werden er toen veel schaakclubs opgericht. Ger Meijer las afgelopen voorjaar de oproep in deze Nieuwsbrief en deelt zijn herinneringen.

Ontspanning Door Inspanning
Ger: “In de jaren dertig was het heel gebruikelijk dat de clubnaam bestond uit ‘verheffende’ termen die dan als afkorting samen een naam vormden. ODI is daarvan een goed voorbeeld. Zelf werd ik rond 1951 lid. Ik was toen een schooljongen van 17 jaar. We speelden elke dinsdagavond in het Speeltuingebouw. Iedere week speelden we wel met een man of 35 á 40 van meer dan 50 leden. Helaas zonder dames-schakers. Dat is tegenwoordig gelukkig wel anders. Dat niet iedereen elke week kwam, had er ook mee te maken dat sommige leden liever naar het populaire radioprogramma ‘De Bonte Dinsdagavondtrein’ wilden luisteren. In de loop der jaren werden steeds meer Badhoevedorpers lid en uiteindelijk is de club ook naar Badhoevedorp verhuisd. Jammer genoeg heeft de club zijn 50-jarig bestaan niet gehaald.”

Naar de stad, Noord en Ouderkerk
“ODI had best goede schakers: We hadden vier tientallen bij de Amsterdamse Schaakbond, waar we officieel bij waren aangesloten. We stonden wel eens op de zesde plek van de 40 Amsterdamse clubs. Je speelde dus ook uitwedstrijden. Dan ging je met tien man op stap. Dat klinkt leuk, maar de uitwedstrijden van ODI waren eigenlijk geen pretje. De wedstrijden begonnen om acht uur ‘s avonds. Dan gingen we met bus G en de tram bijvoorbeeld naar het Centraal Station. Daarna met een bootje het IJ oversteken naar Scheepswerf Verolme of naar Kromhout in Amsterdam-Noord.

We speelden ook in de tramremise in de Tollenstraat en in het Gezellenhuis in Ouderkerk. Daar stond een grote kolenkachel midden in de zaal. In het Max Euwe Schaakhuis in de Bilderdijkstraat was de speelzaal letterlijk driehoog achter… Als je een afgebroken partij had – dat bestond toen nog – dan moest je na elf uur echt haast maken om de laatste bus G nog te halen en dan moest je de volgende week terug om de partij af te maken.”

Kernzaken uit Sloten en Badhoevedorp
“In de jaren vijftig organiseerde ODI regelmatig toernooien in het Speeltuingebouw, bijvoorbeeld elk jaar het Nieuwsjaarstoernooi om de ‘Kernbeker’. Die beker werd beschikbaar gesteld door de winkeliersvereniging van Sloten en Badhoevedorp, door de zogenaamde ‘Kernzaken’. In mei was altijd het ‘Ringvaartbekertoernooi’ tegen andere clubs. En niet te vergeten: in september het jaarlijkse Herfsttoernooi.”

Wie er lid waren
“ODI was een echte dorpsvereniging. De leden kwamen uit alle lagen van de samenleving. Je kende elkaar en wist van elkaar wat iedereen deed. Dat gold ook nog toen er meer Badhoevedorpers bij kwamen. Nu ik erop terugkijk was het ouderwets, gezellig en goed. Voor de liefhebbers wil ik ook nog enkele leden, van wie ik me herinner dat zij lid waren, benoemen. Uit Sloten: politieman Hoek, groenteboer Meekel, sigarenman Wiersma, tuinder Mulder, winkelier Jo Verbeek (van de Slotense ‘Blokker’, de winkel die ‘alles’ had) en Dreschler, directeur van de Boerenleenbank.

De schakers uit Badhoevedorp waren bijvoorbeeld: taxichauffeur Van Geemen, speelgoedhandelaar Leuven, kolenboer Dogger, tuinder Dorus Smit, ambtenaar van de gemeente Haarlemmermeer Breukelman en de onderwijzers Hazelaar, Loos en Pasterkamp. Door hun namen te noemen, komen dierbare herinneringen bij me boven. Ik zal ze voor altijd koesteren.”

Tamar Frankfurther; 20 augustus 2021.