Niet iedereen zal zich realiseren dat ook woonboten deel uitmaken van Sloten. De boten liggen in een lang lint in de Ringvaart en het water van de Akersluis: voorbij het viaduct over de A4, via het dorp Sloten tot en met woonwijk De Aker. Verreweg de meeste woonboten liggen verscholen achter houten of begroeide hoge hekken.
Maar wat gebeurt daar achter en op die boten? Hoe is het om op een boot te leven en dan in het bijzonder in deze zeer hete zomer van 2026? Woonbootbewoner Nancy Carels vindt het hoog tijd dat de ‘landrotten’ een kijkje nemen in het dagelijks leven van deze – nét wat andere – Slotenaren. Marianne Swaan – die even verderop óp de Ringvaart woont – vult haar aan.

De keuken in de woonboot oogt niet bijzonder, maar het uitzicht is dat wél. Dat verandert continu. Foto: Nancy Carels- Koorn.
Op ooghoogte een zwaan voorbij zien zwemmen
Zelf woont Nancy aan de Ringvaartdijk, in het woonbootlint tussen de Sloterbrug en het viaduct over de A4. Wie over het pad – dat ook grenst aan de zuidkant van Sportpark Sloten – richting De Oeverlanden en het Amsterdamse Bos fietst, ziet vooral tuinhekken met misschien een glimp van een boot. Nancy: “Wat zich daarachter afspeelt blijft voor de meeste voorbijgangers een raadsel.” Wonen op een woonboot – het klinkt romantisch – maar hoe werkt dat eigenlijk in de praktijk?
Bevriezen de leidingen niet?
Nancy: “Wie op een woonboot woont, móet praktisch denken. Drinkwater, elektra, aardgas, riolering, internet: álle voorzieningen moeten vanaf de wal aan boord komen. Ook de afwatering gaat niet vanzelf. Het afvalwater wordt met een pomp het riool ingepompt En dan is er nog de winter. Leidingen die water transporteren moeten worden beschermd met warmtelinten. Anders bevriest de boel. Het zijn dergelijke ‘details’ waar walbewoners veelal geen weet van hebben. Maar voor woonbootbewoners vormen al die zaken gewoon deel van ons dagelijkse leven.”
Krijg je de boot op koude winterdagen wel warm?
Nog zoiets. Vrijwel iedereen vraagt aan woonbootbewoners “of de boot in de winter wel lekker warm gestookt kan worden”. Carels: “Het antwoord is volmondig ‘ja’. De woonboten aan de Ringvaartdijk hebben gewoon kachels en CV-installaties, net als elk ander huis op de wal. De boten zijn over het algemeen goed geïsoleerd. Het grote verschil met huizen op het land is dat de betonnen bak in het water ligt.” En dat heeft uiteraard invloed, maar over het hele jaar genomen vindt Nancy dat de gevolgen daarvan wel meevallen.
Wordt het binnen op zomerdagen niet snikheet?
Woonbootbewoner Marianne Swaan vult aan: “Het is echt belangrijk dat je de vloer goed isoleert. In de winter is het water van de Ringvaart natuurlijk steenkoud en nu in de zomer is het warm. Ik merk dat het in mijn kelder op het ogenblik erg warm is. Maar tussen de kelder en mijn gelijkvloerse woning heb ik een heel goed geïsoleerde vloer liggen. Dat scheelt enorm.”
En – net als in huizen aan de wal – is het slim om – zeker aan de zuidkant – de gordijnen overdag te sluiten. Marianne: “Als het dak niet goed is geïsoleerd of je de gordijnen vergeet te sluiten, kan het binnen pittig heet worden. Zeker als je met die hitte een week weg bent geweest en voordat het zo heet werd al met vakantie bent gegaan. Ik heb het net weer ervaren: toen ik thuis kwam, had mijn boot al die tijd potdicht gezeten. Ondanks mijn supergoede isolatie was het met de volle zon erop en die hoge temperaturen binnen ruim 38 graden worden. De zon weerkaatst op het water en straalt daardoor – als het ware – ‘dubbel’ op de woonark. Maar als het later op de dag koeler wordt, is dat op het water vrij snel op te lossen. Een woonboot waait makkelijker door. Het koelt dus al snel af als je ’s avonds de boel tegen elkaar open zet. Zelfs toen het kort ervoor nog zo snikheet was binnen, kon ik die nacht gelukkig prima slapen. Over het algemeen is het in een ark koeler dan in een woning op het land. Net zoals het in de volle versteende stad heter is dan in bijna elke woning in het landelijke gebied.”
Wonen op het water is nooit saai
Nancy beschouwt een van de grote voordelen van wonen op het water dat het nooit saai is: “Er gebeurt altijd wel wat. Je hebt het gevoel dicht bij de natuur te wonen. Je maakt er als het ware deel van uit. Je ziet van alles langskomen. Dat kan gaan om vrachtschepen en woonboten die naar hun nieuwe ligplaats worden vervoerd. Maar denk – vooral in de zomer – ook aan zwemmers, roeiers, kajakkers, en suppers. En dan niet te vergeten: alle fauna die voorbijkomt: van watervogels tot af en toe een jagende reiger. Zwanen kunnen heel nieuwsgierig zijn en naar binnen loeren, terwijl je rustig zit te ontbijten. En in het voorjaar genieten we altijd weer van de pullen, die in een lint achter vader- en moedereend aan zwemmen. Heerlijk!”
Gewoon thuis, maar dan op water
Het uitzicht verandert met de seizoenen. Met het weer. Met elk uur van de dag. Waar bewoners op de wal vaak naar buiten moeten om de natuur te ervaren, zwemt de natuur hier ‘gewoon’ langs het raam voorbij. “Dat is echt genieten.” Nancy Carels wil hiermee maar zeggen: “Wonen op een Slotense woonboot is een bijzondere ervaring met alle praktische uitdagingen van dien. Het uitzicht is onbetaalbaar. Het geeft een gevoel van vrijheid dat je in een gewoon huis niet zo snel vindt. Ondertussen is ook het gewoon een woning.”
Tot slot geeft de woonbootbewoonster mee: “Als u de volgende keer de Ringvaartdijk fietst en een glimp opvangt van een woonboot achter de tuinhekken, dan weet u: daar woont iemand die elke dag wakker wordt met een altijd veranderende voorstelling. Een Slotenaar met een heel bijzonder thuis.”
Tamar Frankfurther; 2 augustus 2026.